HANDELINGSMODEL

handelingsmodel

 
Het handelingsmodel is een schematische weergave van de rekenwiskundige ontwikkeling zoals die geldt voor alle leerlingen. Het model bestaat uit vier handelingsniveaus:
1.     Informeel handelen in werkelijkheidssituaties ( doen);
2.     Voorstellen- concreet (representeren van objecten en werkelijkheidssituaties in concrete afbeeldingen;
3.     Voorstellen- abstract (representeren van de werkelijkheid aan de hand van denkmodellen);
4.     Formeel handelen ( formele bewerkingen uitvoeren).
Een goede ontwikkeling op de eerste twee handelingsniveaus is voorwaarde voor het handelen en functioneren op de twee hoogste niveaus. Het eerste handelingsniveau is tevens de link met het rekenen in dagelijkse situaties en daardoor de basis voor functionele gecijferdheid.
De leerkracht kan op basis van de interpretaties van observatie aan de hand van de vier fasen het handelingsmodel inzetten als afstemming op de didactiek. De fasen vormen elk een ingang om in te spelen op de onderwijsbehoeften van de leerlingen. De leerkracht start op het niveau waarvan hij zeker weet dat de leerling het aankan. Om de leerling te stimuleren op een hoger handelingsniveau te werken koppelt hij de uitwerking van de opdracht tegelijkertijd aan het daarop aansluitende hogere niveau.
 
Zie voor meer informatie protocol ERWD Hoofdstuk ‘Het Handelingsmodel’.
BAO, SO, SBO p136-144.
VO: 136-179
MBO : 134-147





KPC Groep